Posts tonen met het label uit den hof. Alle posts tonen
Posts tonen met het label uit den hof. Alle posts tonen

zaterdag 8 augustus 2015

Over moestuinieren, falen, whoopies en zongedroogde blauwe besjes

Oogst.

Voor een keer was er eens oogst, met name blauwe bessen.

Veel blauwe bessen.

Veel zon ook. En warmte en hittegolven enzo.

En dat is dan wat er overschiet van die grote blauwe bessen oogst als je na een tijdje terug uit vakantie bent.

Een hele struik vol verdroogde, blauwe bolletjes.


Eerste reactie: teleurstelling, woede, boos op de zon, de warmte, de bessen. 
Mijn moestuinhistoriek kennende, zou u het moeten begrijpen. Ik ben een van de meest extreme voorbeelden van een mislukte wanne-be moestuinier. Al jaren spit, zaai en plant ik me te pletter op mijn zielig lapje, beschaduwde grond onder de bomen, het enige stukje hof dat mijn papa me wou overlaten om mijn groene zelve op uit te leven. Al mijn inspanningen ten spijt heb ik op wat opgeschoten sla en die ene, door kippen kapot gepikte pompoen van 3 jaar geleden nooit echt veel oogst gehad. Tuinieren en ik, het lijkt- hoe graag ik het ook doe- voorbestemd te floppen. Dat werd nogmaals bevestigd toen alles op mijn lapje grond dit jaar als bij wonder begon te groeien en bloeien dat het gene  naam had. Gigantische boerenkoolplanten, patatten, aardperen, kruiden, zelfs de frambozen-, cassis- en eerder genoemde blauwe  bessenstruik begonnen uit het niets vruchtjes te schieten dat het een lieve lust was. Men zou het ervaring kunnen noemen. Men zou kunnen denken dat ik geleerd heb uit de fouten van vorige jaren en het nu over een totaal andere boeg heb gegooid en deze oogst dankzij mijn kennis en ervaring heb verdiend. Een plausibele redenering, ware het niet dat ik een heel jaar in Gent heb gezeten en geen poot naar mijn lapje grond heb uitgestoken. 

Eindelijk rust, dacht de grond. Zolang ik maar niet in de buurt ben, tiert alles hier weelderig.

Ik was- ondanks het feit dat de oogst blijkbaar aan mijn afwezigheid te danken was-  onbeschrijflijk blij met al dat rijpend lekkers in de tuin en keek tijdens de examens  al uit naar de eerste bessen en frambozen. Terug van vakantie verwachtte ik dus kilo’s oogst en was ik al een hele middag confituur maken aan het plannen.

Kom ik thuis en hangt alles verschrompeld en verdroogd aan de struik, ogenschijnlijk oneetbaar en verloren te wezen…. U begrijpt hopelijk mijn frustratie.

Maar goed, enthousiast als ik ben probeer ik het positief in te zien: zongedroogde blauwe bessen, dat kunt ge zelfs in de biowinkel niet kopen en eigenlijk smaken ze zo slecht nog niet en zien ze er behoorlijk decoratief uit.

Mijn besjes kregen samen met die al even mooie groene pistachenootjes uit Spanje een plaatsje als kransje rond mijn nieuwste creatie: chocolade-woopies met vegan witte chocolade- amandelvulling, afgewerkt met pistache en  blauwe besjes. Klinkt behoorlijk chique, al zeg ik het zelf.

Woopies zijn overigens een soort mini sandwiches, maar dan gemaakt van cakejes. Erg leuk voor een afternoontea-party. Zeker deze, aangezien ze niet alleen verslavend lekker,  maar ook compleet veganproof en gezonder zijn dankzij wat verscholen kokosolie, noten, ijzerrijk caccaopoeder en vezelrijke volkorenbloem. En schattig zijn ze ook wel, toch? 

By the way: voor zij die níet falen bij het kweken van blauwe bessen, of gewoon geen blauwe bessenstruik staan hebben: gebruik gerust veenbessen of andere flashy gedroogde vruchtenstukjes, laat de vruchtjes weg of meng verse blauwe bessen door de witte chocoladevulling. Bij dat laatste raad ik je wel aan de woopies meteen te verorberen.

Chocoladewhooopies met witte chocolade-amandelvulling, blauwe besjes en pistachenoten


Chocoladewhooopies met witte chocolade-amandelvulling, blauwe besjes en pistachenoten


Voor de chocoladecakejes
-          120g cacaopoeder
-          100g kokosolie
-          250g volkorenmeel
-          ½ zakje vanillepuddingpoeder
-          1 mespuntje pure stevia  (ik gebruik stevija reb-a)
-          5 el rijststroop of (niet-vegan) honing
-          Snuifje zout
-          Een scheutje vanille-extract
-          4 el havermelk of andere planaardige melk

Voor de witte chocolade-amandelvulling
-          4 el amandelpoeder
-          2 el havermelk
-          2 grote el zachte kokosolie
-          Vanille-extract
-          Snuifje zout
-          1 el rijststroop of honing of ahornsiroop

Voor de afwerking
-          Pistachenoten
-          Gedroogde blauwe bessen of andere mooie gedroogde vruchtjes


  1. We beginnen met de cakesandwichjes: 
    1. Meng het meel, cacaopoeder, zout en vanillepuddingpoeder door elkaar. Voeg de overige ingrediënten toe en meng opnieuw tot een deeg dat op koekjesdeeg lijkt, kneedbaar is en niet aan je handen blijft kleven. 
    2. Bekleed een bakplaat met bakpapier en vorm walnootgrote bolletjes van het deeg, die je op de bakplaat plat duwt en zo cirkelvormig mogelijk vormt. Je mag de cakejes gerust dicht bij elkaar leggen aangezien ze niet meer zullen uitzetten bij het bakken. 
    3. Bak de cakejes 10 minuten op 180° of tot ze stevig, maar vanbinnen nog een beetje smeuïg zijn. 
    4. Laat volledig afkoelen op een roostertje.
  2. Intussen kan je de de vulling maken. Daarvoor meng je het amandelpoeder met het zout, de stroop en het vanille-extract en de melk. Daarna meng je er met een vork de kokosolie onder tot een botercrème-achtige substantie. Plaatst in de koelkast.
  3. Als de cakejes volledig zijn afgekoeld, kan je de woopies beginnen assembleren. Neem 1 cakeje, besmeer met een royale laag “botercrème” en dek af met een tweede, bij voorkeur ongeveer even groot, cakeje. Rol de woopie dwars door een bordje mer een mix van gebroken pistachenootjes en gedroogde bessen.
  4. Klaar en eten maar!

    Tip  van het huis: Assembleer de whoopies à la minute. Heb je toch nog woopies over, bewaar ze dan in een doos in de koelkast.
     

Chocoladewhooopies met witte chocolade-amandelvulling, blauwe besjes en pistachenoten

Chocoladewhooopies met witte chocolade-amandelvulling, blauwe besjes en pistachenoten





donderdag 28 mei 2015

Rheum rhabarbarum

Examens houden de rabarber niet tegen te groeien. 

Met "de rabarber" heb ik het dan niet over onze rabarber, want die lijkt altijd wel een reden te vinden om niet te groeien. 


Wel de rabarber van de buren, van wie de arme plant aangevallen werd door hun puppy (’t is een nogal enthousiast beestje…). De rabarber moest dus dringend geoogst worden, voor het hondje de hele oogst verwoestte en aangezien ze zelf geen weg konden met 10 kilogram van die blozend rode stengels, werd er ons een gulle portie gedoneerd.


Bij deze: rabarbercrumble, gesponsord door onze buren. 

En door hun puppy. 


Rabarbercrumblevegan

  •  1 grote bussel rabarber, zo’n 10 stengels
  • 3 appels
  • 2 peren
  • 3 lepels appelstroop of honing, eventueel wat meer als de rabarber erg zuur is
  • 1 el puur vanille-extract
Voor de crumble
  • 150g bloem ( ik gebruik vaak volkoren speltmeel, maar zelfrijzend bakmeel werkt evenzeer)
  • 100g havervlokken
  • 100g gesmolten kokosolie
  • 50g kokosbloesemsuiker
  • 2 el honing  of ahornsiroop
  • Eventueel  1 handvol fijngemalen noten
    of (iets minder gezond en niet vegan, maar dat mag ook al is) 100g verkruimelde speculaasjes
  • Snuifje zout
  • 1 tl kaneel

1. Schil de rabarber en snijd hem in grove stukken. Doe ze samen met een eetlepel water of 2 in een grote kookpot en laat hem op een zacht vuurtje stoven tot hij gaar, maar nog niet volledig uit elkaar gevallen is.

2. Snijd de appels en peren (met schil) in grove stukken en doe ze bij de rabarber.

3.Smelt de appelstroop door hem 40 seconden op te warmen in de microgolfoven en roer hem onder de appels en de rabarber. Proef even. Het moet licht zuur, maar toch net zoet genoeg zijn. Als het nog niet naar je zin is, voeg je nog wat extra appelstroop of wat honing toe.

4. Schep het fruitmengsel in een ovenschaal.

5. Meng in een aparte kom alle ingrediënten voor de crumble. Het moet een- u raadt het nooit- kruimelige structuur krijgen. Als het iets te sterk op deeg (als brood- of erger nog pannenkoekendeeg) lijkt, dien je wat extra havervlokken toe te voegen.

6. Verdeel de crumble over het fruit en zet de schaal voor zo’n 30 minuten in de oven op 180°C.

Voor mensen zonder geduld: rechtstreeks uit de oven eten kán, maar houd dan wel een paar liter ijskoud water in de buurt. (de suiker in de crumble karamelliseert en dat is, ik spreek uit ervaring, behoorlijk heet …)

7. Even laten afkoelen dus en dan kan niks er u nog van weerhouden met een lepeltje in deze zalige lekkernij te duiken.


Reality strikes ...






zaterdag 21 september 2013

Mijn dikke vriend War Moes



Had ik jullie al verteld over mijn moestuin?
Niet dat er zo veel over te vertellen valt, hoor. Veel meer dan een paar verloren groenten tussen een hele hoop onkruid, moet u er zich niet van voorstellen. Ik moet zelfs stiekem bekennen dat ik simpelweg gestópt ben met het wieden van onkruid om toch nog het gevoel te hebben dat er íets in mijn tuintje staat.
De meeste groenten doen het er immers niet zo goed, aangezien ik van mijn papa het donkerste uithoekje van onze tuin onder de bomen toegewezen gekregen heb. Gelukkig zijn er toch nog een aantal soorten die er wel willen groeien. Aardperen, patatjes, rucola en tuinbonen bijvoorbeeld. Een groente waarvan ik pas dit jaar ontdekte dat ze bijzonder graag in m'n moestuin vertoeft, is snijbiet. 
Snijbiet- warmoes voor de vrienden- is een soort bladgroente die in verschillende kleuren verkrijgbaar is. Ik zaaide dit jaar de zogenaamde Bright Lights variant, die met zijn mooie gele, witte en roze steeltjes meteen boven al dat onkruid uit schitterde. Over de smaak was er hier thuis wel enige discussie. Volgens papa smaakte het naar selder, mama zei spinazie en ik proefde vooral gelijkenis met rode biet. Als u dus een liefhebber bent van 1 of meer van deze groenten, moet u dus zeker eens warmoes proberen.

Warmoes en eitjes van onze kippen vormden samen een zalige quiche. Een lekker slaatje erbij, dressingske derover ... Lekker, gezond, eenvoudig en met biologische ingrediënten recht uit den hof.
Nog iets meer gewenst?

Snijbietquiche


       Voor de bodem

  •  400 g speltmeel
  • Snuf zout en peper
  • 2 eitjes
  • 6 el olijfolie
  • 4 el melk
  • 3 el water        
       Voor de vulling
  • 8 eiwitten
  • 125 ml sojaroom
  • 1 el paprikapoeder
  • 1 el kurkuma
  • zout en peper
  • flinke bos tijm
  • 50 g Parmezaan, geraspt
  • Een grote bos verse snijbiet (zie foto)
  • 2 grote rode uien, in dunne ringen
  • 4 teentjes look, fijngesnipperd




  1. Verwarm de oven voor op 200°C.
  2. Meng alle ingrediënten voor de bodem in een keukenrobot of met de hand.
  3. Duw het deeg op de randen en de bodem van een ingevette springvorm en bak de bodem blind( =zonder vulling) gedurende 30 minuten in de voorverwarmde oven.
  4. Voor de vulling stoof je de ui en look even aan in wat olijfolie.
  5. Snijd de stelen van de snijbiet in grove stukjes en doe deze bij de ui. Laat even meestoven.
    Snijd ook het blad grof en doe het bij de rest tot de bladen slinken en wat zachter geworden zijn.
  6. Meng de eiwitten, de room, kurkuma, paprikapoeder, tijm, Parmezaan en peper en zout door elkaar.
  7. Schik de gestoofde snijbiet in de gebakken bodem (nog steeds in de springvorm) en giet er het ei-roommengsel over.
  8. Bak de quiche nu nog 50 minuten op 180°C.
    Eet hem warm met een lekker slaatje erbij.