Posts tonen met het label gezonder. Alle posts tonen
Posts tonen met het label gezonder. Alle posts tonen

zaterdag 27 februari 2016

Alle cake op een stokje

"On n'a pas tous les jours vingt ans", zegt mijn oma altijd met zo'n zweem van nostalgie in haar nog betrekkelijk vitale ogen, dat ik veel te veel van dat 20-worden verwachtte.

Afgelopen maandag was deze veelbesproken dag dan eindelijk aangebroken en bleek ik hem grotendeels te besteden aan microbiologie, economie en het slagveld in de keuken op ruimen. Mijn oma had kennelijk een boeiender leven dan ik. 

Gelukkig is er nog mijn goede vriend Oven, die me op dagen als deze nooit in de steek zou laten en dankzij wie de dag waarop ik 20 werd, nu voor altijd in mijn geheugen gegrift is als de dag waarop ik zoveel verschillende dingen bakte en wanhopig in mijn diepvriesje probeerde te proppen dat mijn diepvriesdeurtje half de geest gaf. Met het deurtje gaat nu opnieuw alles goed, voor zij die zich zorgen zouden maken. En voor wie zich afvraagt of baksels nog lekker zijn als je ze invriest: ja, dat zijn ze nog en voor bakverslaafde kotstudentes (en hongerige ouders in het weekend) is dat een ware zegen. 

Eén van mijn "joepie ik ben 20"-bakexperimentjes, waren deze cakepops. Gemaakt van een restje brownie en bosbessen, gecoat in carobefrosting en dat allemaal op een stokje. Zotte dinges.  



Bespaar me de commentaar: ik weet dat cakepops samen met woopies en cupcakes van die mode-baksels zijn, van die cakedingen waar de icing en rolfondant de cake overwoekerd hebben. Ik weet het   en ik heb het ook eerder voor wat authentieker gebak, maar het was mijn verjaardag. Ik had nood aan een kinderlijke bezigheid en dan is er weinig zo leuk als cake in bolletjes rollen en knoeien met chocoladesaus, toch?
Bovendien zag ik er nauw op toe dat de versieringsgraad van mijn cakepops nog binnen de perken bleef. Ze zien er nog net mooi genoeg uit om mee te geven als traktatie op een prinsessenverjaardagsfeestje, maar toch ook niet zo genânt meisjesachtig dat je ze als 20-jarige niet meer met trots op je blog zou durven zetten. Allé ja ...


Brownie-bosbescakepops met carobefrosting




  • Een restje (gezonde) brownie, bijvoorbeeld van dit recept
  • Blauwe bessen (uit de diepvries)
  • Frambozenconfituur
  • Carobeglazuur (recept hieronder)
  • Chocoladestukjes of -druppels


  1. Neem een restje cake en voeg een handvol (of meer) blauwe bessen toe. Als je cake erg droog was, zal je misschien nog wat frambozenconfituur moeten toevoegen.
  2. Vorm balletjes en hul deze in een laagje carobeglazuur. 
  3. Wikkel de balletjes in chocoladestukjes en stop er een leuk (en stevig!) rietje in.
  4. Laat het glazuur uitharden vooraleer je de cakepops aanvalt. 


Carobeglazuur

  • 3 eel gesmolten kokosolie
  • 1 el ahornsiroop
  • 1 el carobepoeder of cacaopoeder 
  • Snuf zout
Roer alles door elkaar en klaar!











zaterdag 13 februari 2016

Spread the love

Heel lang geleden was er een bisschop die stiekem koppels trouwde, die volgens de Kerk beter niet als man en vrouw bestempeld zouden worden. De Kerk kwam daar achter en de bisschop werd - op 14 februari- onthoofd.

Die bewuste bisschop heette Valentijn. Het feest van de liefde was geboren. 

Hoewel Valentijn tegenwoordig meer commercieel gezwets dan een dag van liefde inhoudt, vind ik dat we deze dag niet zomaar voorbij mogen laten gaan. Niet dat ik voor al dat melig, romantisch koppeltjesgedoe preek, alles behalve. Wel vind ik dat dit een mooie dag is om iedereen die je lief is dat eens duidelijk te maken. 

Ik herinner me nog die ene Valentijnsdag in het tweede middelbaar, toen een meisje uit de klas iedereen met een hartvormige brownie verraste. Ik herinner me ook dat het pas door dit gebaar was dat ik besefte dat Valentijn een feest is voor iedereen, dus niet enkel het meisje-jongen-kaarsjes-en-kusjes-gebeuren. Dat browniehartje, dat me met zoveel liefde gepresenteerd werd, liet me inzien dat Valentijn een dag is waarop je je vrienden en familie eens kan zeggen wat ze voor je betekenen. Iets waar eigenlijk niet eens een speciale dag -laat staan een hoofdloze heilige- voor nodig zou moeten zijn, maar dat ter zijde. 

Moraal van mijn verhaal: spread the love en zeg het met een browniehartje!  

Browniehartjes met frambozen



  • 150g volkoren meel
  • 200g puur cacao-poeder 
  • 1 el (16g) bakpoeder
  • 1/3 tl (1g) stevija
  • 1 pot kikkererwten van 340g (giet het vocht niet weg!)
  • 1 kleine appel
  • 250g ontpitte dadels
  • 100g kokosolie, gesmolten
  • 1 el notenboter naar keuze
  • 1 tl vanille-extract
Voor de frambozencoulis
  • 1  kop frambozen uit de diepvries, ontdooid + een paar extra voor de afwerking
  • 1 el chia zaad (optioneel)
Werkwijze
  1. Zeef het meel, cacaopoeder en bakpoeder in een grote kom. Het zeven voorkomt dat je plots een brok bakpoeder in je brownie tegenkomt. Niet aangenaam, ik kan het u verzekeren. 
  2. Nu het deel dat je enorm aan dit recept zal doen twijfelen, maar vertrouw me: alles komt goed. Hier gaan we: Hang een zeef boven een pot, laat de kikkererwten in de zeef uitlekken en bewaar het vocht. Je hoef de kikkererwten ook niet te spoelen, zo vermijd je dat het kostbare vocht verloren gaat. "Gaan we nu serieus dat sap gebruiken?" Ja, dat zal de eitjes in de brownie vervangen. Ik herhaal: het komt allemaal goed.
  3. Klop het kikkererwtenvocht op met de stevia tot het eruit ziet als stevig opgeklopt eiwit. Net als echt eiwit is het klaar wanneer je de kom boven je hoofd kan houden zonder nadien te moeten douchen. 
  4. Doe de ontpitte dadels in een microgolfovenbestendig kommetje en voeg zoveel water toe tot ze helemaal onder staan. Laat de dadels ongeveer 2,5 minuten "garen" in de microgolfoven. Hierdoor zullen ze straks makkelijker de pureren zijn. Giet het water weg en laat de dadels uitlekken. 
  5. Doe de kikkererwten, samen met de appel (ongeschild, maar verwijder natuurlijk wel het klokhuis), de kokosolie, notenboter, uitgelekte dadels en het vanille-extract. Mix tot een gladde puree. 
  6. Meng  de kikkererwtenpuree onder het cacao-meelmengsel. Voeg het opgeklopte "eiwit" toe en meng het er stevig onder. Zorg dat alles mooi gemengd is. Het beslag zal behoorlijk stevig zijn, dit is normaal. 
  7. Bekleed een vierkante ovenschaal (ongeveer 25 bij 25) met bakpapier en vul ze met het browniebeslag.  Strijk de bovenkant mooi vlak. 
  8. Bak de brownie 30 minuten tot de bovenkant zo mooi begint open te scheuren, op 180°C. Elke oven is anders, dus controleer even met een naald  of hij niet te rauw meer is vanbinnen (je naald moet er niet droog uitkomen, want je wil de brownie wel nog een beetje smeuiig)
  9. Laat de brownie afkoelen op een rooster. 
  10. Maak intussen de frambozencoulis door de frambozen te pletten en er het chiazaad door te roeren. Bewaar even in de koelkast.  
  11. Neem een hartvormige cookie-cutter en steek een paar mooie hartjes uit je brownie. 
  12. Geef de hartjes zo weg of leg ze op kleine bordjes, lepel er een beetje frambozencoulis over en versier met een paar framboosjes.

    Fijne Valentijn! 
















zaterdag 9 januari 2016

(Geen) sultanakoekjes

Toen ik klein was, was ik gek op dino-, smurfen- en petit-lu-koeken (kent u die nog? Die waren toch gewoon geweldig he…). Iets ouder geworden, gaf mijn mama me steevast sultanakoekjes mee naar school. Dit samen met een heerlijk semi-doorzichtig fruitsapje in brik met zo’n rietje dat daar dan soms niet in wou en als je er dan toch al in geslaagd was een piepklein gaatje met het rietjespuntje te maken, spoot al je fruitsap in je gezicht bij de volgende poging die je ondernam om het rietje erin te krijgen. Of was alleen ik zo’n lomp kind? 

Sultanakoeken en fruitsap dus.
Dat beschouwde ik toen als een gezond tussendoortje. Gelukkig heb je als kind totaal geen notie van nutritionele waarden. Jong, onbezonnen en gelukkig met mijn koek en drankje.

Jammer genoeg komt na een aantal jaar dat nutritioneel geweten opspelen. Mijn sultana-sapjes-tussendoortje werd verbannen. Ik onderging die transitie moeiteloos, tot ik nu ongeveer 2 maanden geleden in de aula iemand een sultanakoekje zag eten en de heimwee me om het hart sloeg.

Een pak sultana’s gaan halen in de supermarkt dan maar? Ik denk er nog niet aan. Wat je zelf doet, doe je meestal beter, dus ging ik aan de slag met volkorenbloem, havervlokken en rozijnen.

Het resultaat was …  teleurstellend.

Mijn koekje leek in de verte niet op een sultanakoekje. Textuur was ook compleet anders.  Met de nadruk op anders, dus zeker niet slecht. De smaak kwam wel sterk in de buurt van de sultana's, maar dan rustieker, voller ook. Een glaasje havermelk erbij en ik waande me weer dat vrolijk etende kind van op de speelplaats.

Deze robuuste koekjes zijn het perfecte vullende tussendoortje, of wie weet zelfs het perfecte to-go-ontbijt. Gezond zijn ze alleszins en ze geven je genoeg energie om er weer een paar uur tegenaan te kunnen.

Ik mag er dan wel niet in geslaagd zijn een gezonde tweelingsbroer van mijn geliefde sultanakoekje te maken, ik heb er nu wel een nieuwe vriend bij.

Geen sultanakoekjes


  •           100g roggevlokken
  •           100g havermout
  •           100g zelfrijzende bloem
  •           4 el kokosbloesemsuiker
  •           45g kokosolie, gesmolten
  •           150g rozijnen*
  •           Snuf zout
  •          Kaneel
  •           3 el yoghurt
  •           1 ei


  1. Meng alle  droge ingrediënten in een grote mengkom door elkaar.
  2. Voeg de kokosolie, yoghurt en het ei toe en roer opnieuw.
  3. Vouw de rozijnen door het deeg.
  4. Schep soeplepelgrootte koekjes op een met bakpapier beklede bakplaat en bak de koekjes zo’n 15 à 20 minuten op 180°C.
  5. Laat de koekjes afkoelen en zet er je tanden in. Bij voorkeur met een glaasje (haver)melk of warme thee. 
*Lust je geen rozijnen, vervang ze dan gewoon door chocoladestukje, noten of een andere soort gedroogde vruchten in kleine blokjes.


zondag 25 oktober 2015

Creepy karamel appels

Volgende week is het Halloween!

Ik herinner me nog die keer in de lagere  school, toen ik met een paar vriendinnen op trick-or-treat-ronde ging in ons dorp. We moesten aan iedereen die de deur opendeed, verbaasd 4 in heksen en zombies verkleedde kleine meisjes te zien, uitleggen waarom we nu juist voor hun deur stonden en het gerechtigd vonden snoep te eisen. Halloween was nog niet bepaald ingeburgerd, zeker niet in die tijd en in het boerendorp waar ik woon en de gemiddelde inwoner 79 jaar en slecht te been is. Onze snoepronde verloor dus wat van zijn charme. Maar goed, we kregen snoep, we waren blij.

Ik wilde altijd dat ik op 31 oktober heel even in Amerika kon wonen. Voor een klein kind leek die dag me de hemel, de topdag van het jaar. Als je het mag geloven, maakt elke oma en elk gezin op die dag een hele hoop zelfgemaakte Halloweensnoepjes klaar. Om ter lekkerst, om ter meest. Moet gewoon geweldig zijn als kind.

Dit jaar besloot ik zelf een Halloweenzoetigheid te maken en zo de echte Amerikaanse huismoeder in mezelf eens volledig te laten gaan. Ik struinde langs een heleboel overzichten op blogs en recepten op Pinterest en kreeg zo naderhand een beeld van de traditionele zoetigheden waarmee, de Amerikaanse kinderhandjes op 31 oktober gevuld worden.Peanutbuttercups, huisgemaakte snickers, heksenkoekjes en ander zoets in enge vormen. Eén ding sprong me meer dan de rest in het oog: karamel appels. Blijkbaar zijn deze een traditional op Halloween.

Nu wil het toeval dat ik gek ben op karamelappels. Nu ja, toch als die vergelijkbaar zijn met die rode kermisappels van bij ons, wat ik veronderstel. Traditioneel al ik 1 keer per jaar zo’n appel op  de kermis in onze stad. Helaas werden ze uit mijn leven verbannen door het ijzerdraadje dat nu voorkomt dat mijn tanden terug in konijnenstand gaan staan. Op de kermis lopen, die appels zien en weten dat ik er geen mag, het blijft altijd een pijnlijke zaak.

Mijn beslissing was dus snel gemaakt en ik begon  te experimenteren met gezonde karamel en appels. Uiteindelijk besloot ik dat een volledige appel in karamel hullen nogal een gedoe en verschrikkelijk onhandig was. Een gezellige karamel-appeldip leek me een zeer mooi alternatief.

Karamel en appels.
Gezond en ijzerdraad-proof.

Ikke blij.

P.S. Voor deze karamelappels hoeft het geen Halloween te zijn. Ze zijn op elke dag van het jaar verslavend lekker.

Gezonde karamel-appels



-          15 zachte, grote dadels, ontpit
-          2 el ahornsiroop
-      1 el amandelboter of gemengdenotenboter
-          Zeezout

-          2 erg lekkere, knapperige appels
-          Amandelschilfers, optioneel

  1. Snijd de dadels in stukjes, doe ze in een kommetje en zet ze half onder met water.
  2. Laat de dadels ongeveer een uurtje weken in het water. Ongeduldig? Ik ook, dus zet ik mijn potje altijd voor anderhalve minuut in de microgolfoven. Hetzelfde effect als weken, maar dan tien keer sneller.
  3. Voeg de ahornsiroop, notenboter en het zout toe aan je geweekte/verarmde dadels en mix in een kleine keukenrobot of met de mixer tot een mooie, gladde karamelkleurige dip. Vind je de dip wat te vast, voeg dan in kleine beetjes nog wat water toe.
  4. Snijd je appels in partje  en zet ze samen met de amandelschilfers en het kommetje karamelsaus op tafel.
  5. En nu: dippen maar! 



dinsdag 6 oktober 2015

Review: Farm vegetables spreads

Afgelopen week ontdekte ik deze schattige potjes in een biowinkel in de stad . 


Ik weet niet wat het was. Ik zag hen. Zij mij en de klik was er. Zonder al te veel na te denken nam ik hen mee naar huis. Om een excuus te hebben om alle 3 de potjes die zelfde dag nog te mogen opendoen en te kunnen proeven, dacht ik dat ik er misschien maar een keer een review over moest schrijven. Dat is dan ook eens iets anders dan die recepten altijd. Bij deze: 

Wat? 
Farm vegetable spreads van Allos. Deze spreads zijn glutenvrij en geschikt voor veganisten. Ze beloven je 67% groenten en verder uitsluitend natuurlijke, biologische ingrediënten. 

Waar?
Ik kocht de potjes in Bioshop. Verder vind je hem ook bij Biovita en Ekoplaza. Deze spreads zijn blijkbaar vrij nieuw, dus waarschijnlijk vind je ze binnenkort wel in de meeste biowinkels.


Wat zit erin? 
bron: http://www.biovita-shop.be/nl/vegetarisch-broodbeleg/farm-vegetables-komkommer-munt-135g/details

De ingrediënten zijn wat mij betreft prima. Niets raars, geen E'tjes, noch palmvet of andere niet al te koosjere dingen. Bovendien valt op dat de spread ook effectief zijn naam waardig is: koop je bijvoorbeeld  de pompoenvariant, dan is het eerste (en dus meest dominante) ingrediënt ook effectief pompoen, iets wat van vele andere spreads niet gezegd kan worden. Dat we dat nog mogen meemaken. 

En hoe zit het met de centjes?
Voor 1 potje betaalde ik €2,49. Een schappelijke prijs, lijkt mij. Niet meer of minder dan je voor de andere gangbare spreads betaald en hier krijg je tenminste échte ingrediënten voor je geld.

Allemaal goed en wel, maar hoe zit het met de smaak?
Mijn favoriete puntje. Ik testte alle spreads speciaal voor jou zorgvuldig uit, voor dat soort zaken offer ik mijn graag op, je kent me. De conclusies:
  • Cucumber Mint
    Toen ik het potje opende, was ik eerder sceptisch. De spread zag er nogal wit en smakeloos uit, maar smaakte geheel anders. Friszurig deed hij me wat aan tzatziki denken. De munt meen ik wel nergens te bekennen, maar ik mis hem nu ook niet meteen. Een lekkere spread op een broodje met wat tuinkers, zwarte peper en komkommer, denk ik. 
  • Pumpkin ginger
    De lichtoranje kleur was veelbelovend en gezien ik gek ben op pompoen, was deze mijn intuïtieve favoriet. Dat was voor het proeven, want ik vond deze de minste van de drie. Ik denk dat ze wat te kwistig geweest zijn met die witte wijnazijn, waardoor hij mij aan die ouwerwetse, zurige sandwichspreads doet denken. Pumpkin ginger, het spijt me zeer, maar u bent niet meteen mijn ding. 
  • Pea basil
    Dit potje is mijn nieuwe verslaving. Zoooo lekker. Het smaakt net als pesto (en laat mij nu net licht pesto-verslaafd zijn), maar dan frisser en daarbij nog eens veel gezonder ook. Een topper die ik niet alleen op een broodje met tomaat en rucola, maar ook eens met wat pasta ga proberen.  
Conclusie
Deze spreads zijn een erg lekker en vooral gezond alternatief voor je boke met kaas of confituur. Ik ga de Cucumber Mint en Pea Basil zeker vaker kopen. En over mijn experimenten met die laatste hoor je later zeker en vast nog meer. 










woensdag 26 augustus 2015

Eindelijk chocoladetaart!

“We’ll be back.”

Dat waren onze woorden na het succes van de -naar onze bescheiden mening- geweldige, legendarische vegan donuts van vorig jaar. Niet voor het één of het ander, maar het lijkt me zeer de moeite dat receptje nog eens te bekijken. Je vindt het hier (gewoon klikken).

‘We’ zijn opnieuw die ene vriendin en ik. Noem ons het olijke kerstduo, want putje zomer naar Michaël Buble’s Christmas CD luisteren en ter afwisseling naar Nigella’s Christmas Kitchen kijken, is nu eenmaal wat we doen. Kerst-, open haard-, wollige dekentjes- en wintergeobsedeerd als we zijn. Een beetje raar  zijn we ook wel, maar dat doet zoals gezegd geen pijn.

Naar aloude traditie kwamen we deze vakantie weer een keer samen om onze culinaire, creatieve uitspattingen een plaatsje te geven en waagden we ons in de uithoeken van het bakuniversum.

Klaar om de vegan bakwereld opnieuw een openbaring rijker te maken.

Onbevreesd.

Onbezonnen.

Maar helaas….
Inspiratieloos.

Niet dat we niet wisten wat te maken. Wél dat  we niet meteen een idee hadden hoe eraan te beginnen.

Het concept was nochtans eenvoudig:
 Ik vroeg aan de vriendin  in kwestie wat ze graag wilde veganizen. Vriendin in kwestie is een vrouw in hart en nieren, dus het antwoord lag voor de hand: een decadente chocoladetaart, met alles erop en eraan. Meteen begon er iets in mij te knagen, want als ik heel erg eerlijk ben, heb ik een lichte vegan chocoladetaartfobie. Vegan en gezonde chocoladetaart maken, is iets wat me maar niet wil lukken. Of toch niet helemaal. De taart is nooit zoals ik ze wil. Te bitter, niet zoet genoeg, te droog, te nat, niet gerezen… Het is altijd wel iets en na een poging of 20, had ik me erbij neergelegd dat chocoladetaart me nu eenmaal nooit ging lukken en had ik mijn gezondere chocoladetaartdroom het afgelopen jaar gelaten voor wat hij was.

Toen we in de keuken stonden, hadden we dus niet onze gewoonlijke “we smijten wat vanalles bij elkaar en hopen dat er iets lekkers uitkomt”-drive van gewoonlijk.

Zoals het licht-inspiratieloze mensen betaamd, zochten we onze toevlucht tot Pinterest. Even later hadden we een recept dat  we tegen al onze principes in volledig navolgden. We voelden ons wel een beetje schuldig dat we zelf niets hadden durven verzinnen, maar dat knagend gevoel verdween als snel eens we het heerlijk zoete chocoladebeslag in de vorm goten en nadien de pot uitlikten. Dit kon wel eens een erg lekkere, gezondere chocoladetaart worden…

En dat werd het. Niet als dusdanig gerezen, maar wel vol en chocoladeïg. Net zoals we ons een chocoladetaart voorstelden.

Om onze creatieve zelven toch nog een beetje te uiten, maakten we zelf een sausje voor over onze taart. En daarna volgden de traditionele belachelijke selfies en lachten we onszelf buikpijn... 

Ons doel om weer een legendarisch recept te verzinnen was dan wel niet bereikt, maar we hadden nu wel een heerlijk vegan recept voor chocoladetaart en bovenal hebben we ons een hele middag ontzettend geamuseerd. En plezier maken en genieten is toch waar samen koken in de eerste plaats om zou moeten draaien, denk ik dan. 

Decadente chocoladetaart
Gebaseerd op een recept van MinimalistBaker 

Decadente vegan chocoladetaart

Natte ingrediënten
-          4 el gemalen lijnzaad + 12 el water
-          250 ml havermelk
-          1 ½ tl appelciderazijn
-          1 zakje bakpoeder
-          150 ml kokosnectar, agavesiroop, ahornsiroop of honing (niet vegan)
-          150g kokosbloesemsuiker
-          13Og gesmolten kokosolie
-          1 el vanille-extract
-          500g appelmoes (gemixte rauwe appel)
Droge ingrediënten
-          Een snuifje zout
-          120g ongezoet  cacaopoeder
-          120g amandelmeel
-          50g havermeel (fijngemalen havervlokken)
-          200g zelfrijzend bakmeel
Voor het chocoladesausje
-          Kokosroom van 1 blik kokosmelk
-          3 el cacaopoeder
-          2 el ahornsiroop
-          Snuifje zout

  1. Mix alle natte ingrediënten in de blender tot een gladde massa.
  2. Meng in  een grote mengkom de droge ingrediënten door elkaar.
  3. Meng de  natte mix onder de droge en roer tot een glad, doch stevig beslag.
  4. Giet het beslag in een met bakpapier beklede, ronde springvorm en bak de taart gedurende 45 minuten tot een uur in de voorverwarmde oven op 180°C of tot een prikker droog uit het midden van de taart komt.
  5. Meng intussen alle ingrediënten voor het  sausje door elkaar.
  6. Laat de taart afkoelen en serveer met de chocoladesaus en eventueel wat besjes en gehakte walnoten.



Decadente vegan chocoladetaart


Decadente vegan chocoladetaart onder vriendinnen 


zaterdag 8 augustus 2015

Over moestuinieren, falen, whoopies en zongedroogde blauwe besjes

Oogst.

Voor een keer was er eens oogst, met name blauwe bessen.

Veel blauwe bessen.

Veel zon ook. En warmte en hittegolven enzo.

En dat is dan wat er overschiet van die grote blauwe bessen oogst als je na een tijdje terug uit vakantie bent.

Een hele struik vol verdroogde, blauwe bolletjes.


Eerste reactie: teleurstelling, woede, boos op de zon, de warmte, de bessen. 
Mijn moestuinhistoriek kennende, zou u het moeten begrijpen. Ik ben een van de meest extreme voorbeelden van een mislukte wanne-be moestuinier. Al jaren spit, zaai en plant ik me te pletter op mijn zielig lapje, beschaduwde grond onder de bomen, het enige stukje hof dat mijn papa me wou overlaten om mijn groene zelve op uit te leven. Al mijn inspanningen ten spijt heb ik op wat opgeschoten sla en die ene, door kippen kapot gepikte pompoen van 3 jaar geleden nooit echt veel oogst gehad. Tuinieren en ik, het lijkt- hoe graag ik het ook doe- voorbestemd te floppen. Dat werd nogmaals bevestigd toen alles op mijn lapje grond dit jaar als bij wonder begon te groeien en bloeien dat het gene  naam had. Gigantische boerenkoolplanten, patatten, aardperen, kruiden, zelfs de frambozen-, cassis- en eerder genoemde blauwe  bessenstruik begonnen uit het niets vruchtjes te schieten dat het een lieve lust was. Men zou het ervaring kunnen noemen. Men zou kunnen denken dat ik geleerd heb uit de fouten van vorige jaren en het nu over een totaal andere boeg heb gegooid en deze oogst dankzij mijn kennis en ervaring heb verdiend. Een plausibele redenering, ware het niet dat ik een heel jaar in Gent heb gezeten en geen poot naar mijn lapje grond heb uitgestoken. 

Eindelijk rust, dacht de grond. Zolang ik maar niet in de buurt ben, tiert alles hier weelderig.

Ik was- ondanks het feit dat de oogst blijkbaar aan mijn afwezigheid te danken was-  onbeschrijflijk blij met al dat rijpend lekkers in de tuin en keek tijdens de examens  al uit naar de eerste bessen en frambozen. Terug van vakantie verwachtte ik dus kilo’s oogst en was ik al een hele middag confituur maken aan het plannen.

Kom ik thuis en hangt alles verschrompeld en verdroogd aan de struik, ogenschijnlijk oneetbaar en verloren te wezen…. U begrijpt hopelijk mijn frustratie.

Maar goed, enthousiast als ik ben probeer ik het positief in te zien: zongedroogde blauwe bessen, dat kunt ge zelfs in de biowinkel niet kopen en eigenlijk smaken ze zo slecht nog niet en zien ze er behoorlijk decoratief uit.

Mijn besjes kregen samen met die al even mooie groene pistachenootjes uit Spanje een plaatsje als kransje rond mijn nieuwste creatie: chocolade-woopies met vegan witte chocolade- amandelvulling, afgewerkt met pistache en  blauwe besjes. Klinkt behoorlijk chique, al zeg ik het zelf.

Woopies zijn overigens een soort mini sandwiches, maar dan gemaakt van cakejes. Erg leuk voor een afternoontea-party. Zeker deze, aangezien ze niet alleen verslavend lekker,  maar ook compleet veganproof en gezonder zijn dankzij wat verscholen kokosolie, noten, ijzerrijk caccaopoeder en vezelrijke volkorenbloem. En schattig zijn ze ook wel, toch? 

By the way: voor zij die níet falen bij het kweken van blauwe bessen, of gewoon geen blauwe bessenstruik staan hebben: gebruik gerust veenbessen of andere flashy gedroogde vruchtenstukjes, laat de vruchtjes weg of meng verse blauwe bessen door de witte chocoladevulling. Bij dat laatste raad ik je wel aan de woopies meteen te verorberen.

Chocoladewhooopies met witte chocolade-amandelvulling, blauwe besjes en pistachenoten


Chocoladewhooopies met witte chocolade-amandelvulling, blauwe besjes en pistachenoten


Voor de chocoladecakejes
-          120g cacaopoeder
-          100g kokosolie
-          250g volkorenmeel
-          ½ zakje vanillepuddingpoeder
-          1 mespuntje pure stevia  (ik gebruik stevija reb-a)
-          5 el rijststroop of (niet-vegan) honing
-          Snuifje zout
-          Een scheutje vanille-extract
-          4 el havermelk of andere planaardige melk

Voor de witte chocolade-amandelvulling
-          4 el amandelpoeder
-          2 el havermelk
-          2 grote el zachte kokosolie
-          Vanille-extract
-          Snuifje zout
-          1 el rijststroop of honing of ahornsiroop

Voor de afwerking
-          Pistachenoten
-          Gedroogde blauwe bessen of andere mooie gedroogde vruchtjes


  1. We beginnen met de cakesandwichjes: 
    1. Meng het meel, cacaopoeder, zout en vanillepuddingpoeder door elkaar. Voeg de overige ingrediënten toe en meng opnieuw tot een deeg dat op koekjesdeeg lijkt, kneedbaar is en niet aan je handen blijft kleven. 
    2. Bekleed een bakplaat met bakpapier en vorm walnootgrote bolletjes van het deeg, die je op de bakplaat plat duwt en zo cirkelvormig mogelijk vormt. Je mag de cakejes gerust dicht bij elkaar leggen aangezien ze niet meer zullen uitzetten bij het bakken. 
    3. Bak de cakejes 10 minuten op 180° of tot ze stevig, maar vanbinnen nog een beetje smeuïg zijn. 
    4. Laat volledig afkoelen op een roostertje.
  2. Intussen kan je de de vulling maken. Daarvoor meng je het amandelpoeder met het zout, de stroop en het vanille-extract en de melk. Daarna meng je er met een vork de kokosolie onder tot een botercrème-achtige substantie. Plaatst in de koelkast.
  3. Als de cakejes volledig zijn afgekoeld, kan je de woopies beginnen assembleren. Neem 1 cakeje, besmeer met een royale laag “botercrème” en dek af met een tweede, bij voorkeur ongeveer even groot, cakeje. Rol de woopie dwars door een bordje mer een mix van gebroken pistachenootjes en gedroogde bessen.
  4. Klaar en eten maar!

    Tip  van het huis: Assembleer de whoopies à la minute. Heb je toch nog woopies over, bewaar ze dan in een doos in de koelkast.
     

Chocoladewhooopies met witte chocolade-amandelvulling, blauwe besjes en pistachenoten

Chocoladewhooopies met witte chocolade-amandelvulling, blauwe besjes en pistachenoten





woensdag 29 juli 2015

Tapenade - the healthy way

Tapenade. 

Mijn to-go tip om in geen tijd een spectaculair maal op tafel te toveren. 

Niets is zo simpel, want veel geraffineerder dan een paar welgekozen ingrediënten in een blender gooien, is tapenade maken niet.  Een paar mooie, geroosterde sneetjes brood en wat sla en gegrilde groentjes erbij en het lijkt meteen alsof je dagen aan dit feestmaal hebt voorbereid. Ideaal de alom bekende combi “bezoek” en “weinig tijd”. 

Tapenades hebben net als pesto nogal eens de neiging behoorlijk wat olie op te slokken. Meestal moet ik met pijn in het hart super veel olijfolie bij mijn olijfjes kappen, vooraleer mijn olijventapenade iets of wat smeuïg wil worden. En smeuïg, doch met de nodige olijfstukjes, is net hoe ik mijn tapenade wil. Op die halve liter olijfolie moest dus iets gevonden worden.

Op een goede dag, besloot ik opnieuw voor een tapenade-lunch te gaan. Mijn fles olijfolie al boven halend, viel mijn oog plots op een van de wonderlijkste vruchten die moeder natuur uit haar mouw heeft geschud: de avocado. Mijn anti-halve-liter-olijfolie-in-de-tapenade-held.

Van ongeveer een halve liter, naar 1 eetlepeltje voor de smaak.

Doe het hem maar na, die avocado.

Smeuïge olijventapenade


-          1 ½ kop groene olijven
-          1 el kappertjes
-          1 el olijfolie
-          1/3 avocado of een beetje meer afhankelijk van het soort olijven
-          Zwarte peper

Alles in de blender en mixen maar!
Proef even of de textuur en de kruiding goed zitten. Als je de tapenade liever nog wat smeuïger hebt, voeg je gewoon nog een beetje avocado toe. Let er wel op dat je er niet te veel avocado bij doet, want anders zal je eerder een soort olijven-guacamole bekomen. Ook niet slecht, daar niet van…




tapenade, the healthy way

dinsdag 7 juli 2015

La Vie en Vert goes Spanish: Andalucía

En toen zat ik plots in Spanje.

Dat soort drastische wendingen kan ik wel hebben. Ik ben het type reiziger dat zich liefst volledig smijt in de  lokale cultuur. Ik ben daar nogal fanatiek in. Eens in Spanje, staan er enkel nog Spaanse gerechten op tafel en doe ik als een echte Spaanse madre met mijn rieten boodschappenmand en in mijn beste Spaans mijn inkopen op de plaatselijke markt.

Die markt is werkelijk het walhalla voor fruit- en groentenverslaafden als ik. Tientallen kraampjes vol kleurrijke vruchtjes en verkopers die je er met man en macht van proberen overtuigen dat hun groentjes de beste, mooiste, smakelijkste en goedkoopste zijn. Althans, dat is wat ik afgaande op hun intonatie vermoed, want zoveel verder dan "ola" en  "adios" reikt m'n Spaans nu ook weer niet. 

Het kan aan de vakantiesfeer of de zon liggen, maar alles smaakt hier wel tien keer beter dan in België. Het beste voorbeeld is de tomaat. Wie mij een beetje kent, weet dat ik sowieso al behoorlijk gek ben op tomaten. Als we thuis ergens uiterst noodzakelijk kerstomaten voor nodig hebben, moet mij dat nadrukkelijk gezegd worden, anders zal het het gekochte bakje tomaatjes al verorberd zijn voor het goed en wel de koelkast bereikt heeft.* 
Eens je een Spaanse tomaat gegeten heb, zal je de tomaten uit België voor eeuwig smakeloos en waterig vinden. Zo’n heerlijk rijpe, zoete, zongerijpte, Spaanse tomaat, daar kan niets tegenop. 

Ik grijp hier dus logischer wijs elke gelegenheid om tomaten te eten en stort me met veel plezier in het typisch Andalucische pan con tomate en drink hier home-made gazpacho met liters. 


* Wij zetten onze tomaten uit pure gewoonte altijd  in de koelkast. Geen goede gewoonte als je weet dat tomaatjes zich veel beter voelen op kamertemperatuur en dan ook lekkerder zullen smaken. Gun die tomaatjes vanaf nu dus een mooie laatste paar dagen van hun leven en laat ze nog lekker genieten van de warmte, buiten de koelkast. De tomatengemeenschap dankt u! 

Gazpacho con remolacha Gazpacho van rode biet



Conservatief als we als Vlaming op dat vlak zijn, doet de gedachte aan koude soep iedereen meteen huiveren. Soep is warm. Soep die niet warm is, is de naam “soep” niet waardig.  Mijn oma kijkt nog steeds een beetje vreemd als ze een lepeltje van  deze frisse soep neemt en merkt dat ze koud is. Die vreemde blik maakt dan altijd snel plaats voor “Is er nog?”-oogjes, want niets dat zo kan smaken op een warme zomerdag als een kommetje verse gazpacho. 

Deze gazpacho is dankzij de mooie, rode biet net dat beetje specialer dan de klassieker. Rode biet maakt het lichtjes zoet en geeft hem een prachtige kleur. Een onverwachte, maar zeer geslaagde combi!


  • 1 gekookte rode biet
  • 5 erg rijpe tomaten 
  • ½ komkommer, geschild
  • ½ paprika, van pitjes ontdaan
  • 3 el olijfolie
  • 3 el balsamico azijn
  • 1 klein teentje look
  • 1 snede brood, zonder korst*
  • eventueel 1/3 van een rood pepertje
  • zwarte peper en zeezout
    Dit is vast de eenvoudigste, snelste soep die je ooit zult maken.
  1. Snijd alle ingrediënten in niet al te grove stukken en gooi ze in de blender.
  2. Mix op hoogste snelheid tot een mooie, gladde, paars-rode soep.
  3. Kruid met peper en zout.
  4. Gazpacho moet naar mijn mening ijskoud zijn. Zet hem voor het serveren dus liefst nog een tijdje in de koelkast.
  5. Giet in glaasjes en werk eventueel af met wat erg fijn gesneden stukjes komkommer, tomaat en paprika, een beetje olijfolie en wat zwarte peper. Of gewoon zo. Met een sneetje lekker brood. 


*No-Waste-Tip: Rooster de korsten, die je in kleine blokjes sneed met wat kruiden, geplette look,een sprenkeltje olijfolie, peper en wat zout in de oven en je hebt een geweldige topping voor op een salade of voor in de gazpacho.